Petrus (Piet) Schol
Het oorlogsverhaal over Petrus Schol, roepnaam Piet. Hij werd op 24 september 1944 gefusilleerd op de Leusderheide. Piet is 28 jaar geworden. Zijn achternicht Cynthia Poen vertelt postuum zijn verhaal.
Piet Schol (foto rechts), geboren in een arbeidersgezin, was bakker/kok. Vanaf 1938 voer hij op een schip van de Nederlandse Stoombootmaatschappij. Toen vanaf 10 mei 1940 het Duitse leger Nederland bezette, stopt Piet met varen. Terug in Nederland vindt hij werk bij Bakkerij Grüber van een Duitse bakker in Beverwijk.
Na een woordenwisseling over een vrije dag neemt Piet ontslag en kan de volgende dag bij een bakkerij in Heiloo aan de slag, waar hij tot september 1944 werkt: ”Tot op de dag van vandaag denken wij als familie dat de ruzie met de Duitse bakker de aanleiding is geweest voor zijn wrede lot”, vertelt zijn achternicht. Cynthia Poen vervolgt: “Niet lang na die dag kwam, zonder aanwijsbare reden, de ‘Grüne Polizei’ bij Piet’s ouders aan de deur. Vader Cor stuurde ze in zijn onschuld door naar de bakkerij in Heiloo. Daar werd Piet gearresteerd en overgebracht naar Kamp Amersfoort”.
Kamp Amersfoort
Op 11 september 1944 arriveert Piet Schol in Kamp Amersfoort (foto rechts). Hij krijgt gevangen-nummer 7029. Onbekenden bepalen vanaf dan zijn leven. Hij is overgeleverd aan willekeur. Piet wordt aangemerkt als vluchtgevaarlijk, omdat hij zich eerder een aantal malen aan de Arbeidseinsatz had onttrokken. Achternicht Cynthia vertelt: “Hij werd ingedeeld bij een bestaande groep van 9 mensen, die op de dodenlijst waren gezet door Obersturmführer Eric Aloysius Lütkenhus van de Sicherheitsdienst in Zwolle naar aanleiding van verzetsacties rondom deze stad”.
“Kampcommandant Kark Peter Berg (foto rechts) had de groep van negen verteld, dat ze zouden worden vrijgelaten. Ze krijgen hun burgerkleding terug en lopen door de poort van Kamp Amersfoort, naar ze dachten de vrijheid tegemoet. Maar buiten de poort worden de negen opgewacht door de nazi’s. Ze worden naar de Leusderheide gebracht om te worden gefusilleerd. Dat was op 24 september 1944”.
“In eerste instantie wordt ene Willem Schol doodgeschoten. Willem was, net als Piet, in 1916 geboren. Maar na de executie van Willem ontdekken de Duitsers dat eigenlijk Piet Schol gefusilleerd had moeten worden. Daarom wordt Piet op die zwarte dag alsnog vanuit Kamp Amersfoort naar de Leusderheide gebracht en zonder genade doodgeschoten”, aldus zijn achternicht Cynthia.
Na de bevrijding
Na de bevrijding van Nederland op 5 mei 1945 wachten Piet’s ouders tevergeefs op zijn terugkomst. Ten einde raad zetten zij zelfs een advertentie in het Noord-Hollands dagblad in de hoop een levensteken van hem te ontvangen. Zonder resultaat. Pas in februari 1946 komt er duidelijkheid. Achternicht Cynthia vertelt: “Op aanwijzing van de Duitse soldaat, die mijn oud-oom Piet heeft doodgeschoten, wordt het graf van Piet gevonden. Zijn ouders worden gevraagd hem te identificeren. Hun verdriet moet overweldigend zijn geweest”, aldus Cynthia.
Familitrekjes
Cynthia: “Nu 82 jaar later Ik kijk naar zijn foto. Piet was een knappe vent, in de bloei van zijn leven. Trekjes van hem zie ik terug in onze familie. Bij mijn vader, bij mijn neven en nichten. Een deel van zijn genen leeft voort in ons allemaal. Doorgegeven door zijn zus, mijn oma. Hij heeft zijn stempel achtergelaten op deze wereld. Niet door zijn nazaten, wel door zijn wrange lot. Daarom blijven wij zijn verhaal vertellen elk jaar opnieuw. Ik herdenk hem, en al die andere slachtoffers, als dank voor mijn vrijheid”.
Epiloog
Cynthia Poen, achternicht van Piet Schol:
- “In de zomer van 1944 zijn in totaal 32 mensen uit het verzet omgebracht op de Leusderhei. Dankzij de stichting oorlogsslachtoffers kregen wij meer informatie over wat er precies is gebeurd met Piet. Grote dank daarvoor, namens de hele familie.
- Na de oorlog kreeg Obersturmführer Eric Aloysius Lütkenhus van de Sicherheitsdienst in Zwolle 15 jaar gevangenisstraf, maar hij kwam al in 1954 vrij.
