Direct contact? Mail ons: info@oorlogsverhalen.com

Home > Reacties

Reacties en oproepen

Op deze pagina kunt u uw reacties en oproepen plaatsen.
Mail deze naar info@oorlogsverhalen.com


Verzet tegen Japanse bezetter op Celebes

Hallo,
Ik bladerde met veel interesse jullie site door. Ik vroeg mij af of de reportage 'De Geest van de Hollander' wellicht hierin ook opgenomen kon worden. Het beschrijft voor een groot deel het verzet op Celebes ten tijde van de Japanse bezetting. Mijn vader 9Foto rechts) heeft daar 4 jaar op een berg ondergedoken gezeten en komt ook veel aan het woord in deze Documentaire. Ook wordt zijn terugreis naar de plek waar hij ondergedoken heeft gezeten in beeld gebracht in een reportage van AVRO's Televizier in 1995. Mijn vader heet Jan Klinkhamer en was Sergeant-Majoor bij het KNIL. De reportage staat op YouTube en is daar te bekijken >> .
Tjaard Klinkhamer


Bedankt voor podcast

Beste Oorlogsverhalen,
We hebben de potcast met het oorlogsverhaal van Egbert van Wijk beluisterd en waren onder de indruk. Heel mooi en fijn dat het verhaal bewaard blijft. Veel voldoening gewenst van uw mooie werk!! Bedankt dat u dat doet!
Barbara van Wijk


 

Oorlogsverhaal vertellen in de klas (Groep 4/5)

Goedemiddag,
Aanstaande donderdag hou ik met mijn klas een middag over het thema: ''De tweede wereldoorlog.'' Dan wil ik ook een verhaal vertellen, alleen kan ik nergens een goed verhaal vinden dat ik uit mijn hoofd kan leren en kan vertellen. Hebben jullie misschien een verhaal voor mij paraat?
Met vriendelijke groeten,
Jelinde van Leerdam 

Hallo Jelinde,
We weten wel een mooi verhaal voor de themamiddag van jouw klas over de Tweede Wereldoorlog. Het is het verhaal van Ria Beekman-Shox toen ze kind was (foto rechts). Ze verteld over een bombardement dat ze als klein meisje overleefd heeft in Rotterdam. Daarbij is hun huis helemaal verwoest. En in de oorlog moest ze in de Hongerwinter, omdat ze niets meer te eten hadden, van Rotterdam helemaal naar een gezin in Grootebroek, waar ze nog wel voedsel hadden. Deze plaats ligt bij Enkhuizen aan het IJsselmeer. Je kunt haar verhaal lezen op: https://oorlogsverhalen.com/oorlogsverhalen/ria-beekman-schox/  Er staan ook nog foto’s bij!.
Veel succes met het vertellen van het verhaal. Laat je ons nog even weten hoe het donderdag gegaan is?
Hartelijke groet,
Redactie Oorlogsverhalen.com

Jelinde schrijft:
Heel erg bedankt voor het doorgeven van dit verhaal! De kinderen hebben met open mond geluisterd. Ik heb er wel een samenhangend verhaal van gemaakt, hierdoor was het wat makkelijker te vertellen. Als ik weer een geschiedenisverhaal mag vertellen weet ik waar ik de verhalen kan vinden!
Nogmaals heel erg bedankt!
Met vriendelijke groeten,
Jelinde van Leerdam (D1C)


Gedicht voor Louk de Liever

Ik heb de shoa in een goed onderduikadres in Amsterdam overleefd. Toen mijn neef Louk de Liever (foto's rechts als kind) vertelde over de 53 onbekende kinderen heb ik daar een gedicht voor geschreven. Genoemd:
Onbekende kinderen
Onbewust van de grote mensenwereld
voel je toch de angst, de onzekerheid, de pijn.
Maak je onzichtbaar, onhoorbaar, klein.
Rol je op in een hoekje, dan zien ze je niet,
dan slaan ze je over.
Huil niet, roep niet, maak geen enkel geluid.
Doe of je er niet bent.
Kijk voor je ergens naar binnen gaat
naar een plekje in de schaduw, in het donker.
Zoek lapjes waaronder je kunt schuilen.
Straks lopen die grote dreigende voeten weg.
Dan ben je even alleen
met hele diepe stilte om je heen.
Ze zullen je missen,
die grote mensen die om je geven
Ze zullen je gaan zoeken
op de donkere plekken, onder de lappen en doeken,
onder de rommel waaronder je kon schuilen.
Ze voelen op die kleine plaatsen van veiligheid
waar jij ligt opgerold.
Dan voel je hun armen om je heen.
Jouw veiligheid, jouw redding,
Nu mag je trillen angst,
zachtjes huilen
van ingehouden adem,
Langzaam, heel langzaam
keer je terug tot het leven.
Geschreven door Nechamah Mayer-Hirsch

Het oorlogsverhaal van Louk de Liever, die als 5 jarig kind de holocaust overleefde, is hier >> te zien.
 

 


Executie  Klaas Snel, Arie de Waal en Jakob Brands

Onze vader, Piet Van der Roest, werd begin 1940 aangesteld als eerste geüniformeerde  grafdelver van Huizen. Huizen had toen nog maar één begraafplaats en dat was de begraafplaats aan de Ceintuurbaan. Na de oorlog vertelde hij ons, zijn drie kinderen, zijn verhaal over wat er gebeurde op 28 september 1944. Naast de begraafplaats was de gemeentekwekerij. Schuin achter die beide terreinen was het politiebureau en het Gemeentehuis. Om niet steeds via de hoofdingang van de begraafplaats te moeten omlopen via de hoofdingang aan de Ceintuurbaan naar Gemeentehuis en politiebureau  was er een vrijwel onzichtbare doorgang in de heg gemaakt. Zowel aan de achterzijde alsook aan de zijkant van de begraafplaats. Zo was je van weerskanten snel bij wie je wezen wilde.
Op 28 september 1944 sprak Arie de Waal op de begraafplaats met onze vader. Hij verliet de begraafplaats door de heg en via de gemeentekwekerij. Daar werd hij door de Duitsers opgepakt op de straat die nu Arie de Waalstraat heet. De beide andere verzetsmensen, Jacob Brands en Klaas Snel, werden elders aangehouden. Alle drie de mannen zijn gefusilleerd. Hun lichaam werd voor het politiebureau neergelegd om weg gebracht te worden en anoniem te worden begraven.
Onze vader heeft samen met politie-adjudant Hof en nog een andere politieman in de nacht de  lichamen en naar de begraafplaats gebracht en daar zo snel als mogelijk begraven in de bosrand. De naam van de tweede politieman is ons ontgaan. Misschien weet één van de lezers zijn naam.
Dat is wat wij kinderen van Piet Van der Roest hebben onthouden van wat ons lang geleden en kort na de oorlog door onze vader is verteld.
Roelie Van der Roest
Het verhaal over Klaas Snel, Arie de Waal en Jakob Brands is hier >> te lezen


Beschieting vliegtuigen Hoensbroek

Ben van jaargang 1940.
Het was in de oorlog gebruikelijk dat de Duitse " tiefflieger " laag over de straten vlogen en met het boordgeschut links en rechts tegen de gevels van de huizen schoten. Dit omdat de geallieerden soldaten beschutting zochten in de portalen.
Nu leefden wij met ons gezin in de kelder die een kelderluik had met uitzicht op de straat.
Toen mijn moeder mij in de kelder miste en naar buiten keek zag ze mij, 4 jaar, parmantig in het midden van de straat lopen terwijl er links en rechts kogels insloegen. Door de schrik heeft mijn moeder toen een miskraam gekregen ! Ik ben heelhuids teruggekeerd in de kelder. Dit gebeurde in de Emmastraat naast Bakkerij Peters in Hoensbroek, Limburg. (Op de foto de Emmastraat nu ter hoogte van nummer 83, waar de bakkerij was). In najaar 1944 zijn wij bevrijd.
Jo Poell


Bersiap: 'ik was daar'

Ja, ik was daar. Feit: de Japanse Generaal Iwabu moest zijn Peta-leger inzetten om alle blanken en alle christenen te vermoorden. En dat deden ze, en dat noemen wij bersiap. 20.000 Japanse soldaten met luchtsteun van 62 jachtbommenwerpers, dwongen de Javaanse  jongeren tussen de 8 en 13 jaar, na drie jaar indoctrinatie en militaire training om het Japanse ideaal te verwezenlijken: Azië voor de  Aziaten.
Jan Willem Hoegen
Het hele artikel van de heer Hoegen is hier >> te lezen


Reacties serie '75 jaar bevrijding Nederlands-Indië'

Op de 5-delige tv-serie '75 jaar bevrijding Nederlands-Indië', die is samengesteld uit uniek beeldmateriaal van het digitale video-archief van de Stichting Oorlogsverhalen, zijn veel positieve reacties binnengekomen. Hiernaast een van deze reacties op Facebook.
De serie is elke woensdagavond om 20.30 uur te zien bij Omroep ONS en loopt tot en met 16 september 2020.
Uitzending gemist?
Klik hier >> om de uitzendingen terug te zien


De Gideonsbende

Het verhaal over de Gideonsbende, te zien in de gelijknamige documentaire, is zeer interessant. De verteller Jan Bulthuis (foto rechts) is inmiddels overleden, maar dat was een zeer interessante man en de Luitenant van mijn vader in Nederlands-Indië. Vorige week nog waren wij op vakantie vlak bij het dorp Ellertshaar in Drente en daar staat een gedenkmonument van de verzetsgroep Drenthe Noord. Dappere kerels en vrouwen waren dat. Die hun leven in de waagschaal legden voor gerechtigheid met alle risico van dien. Om trots op te zijn.
Martin Voogd


Slag om Arnhem

In september 1944 was mijn moeder als heilsoldate werkzaam in het kindertehuis van het Leger des Heils in Arnhem. In verband met de luchtlandingen werden we naar Apeldoorn geëvacueerd. Daar werd ontdekt dat men alle medicijnen van de kinderen had vergeten. Om deze alsnog op te halen ging mijn moeder terug naar Arnhem, met mij in een bolderkar. Toen we in het kindertehuis aankwamen konden we vanwege de felle gevechten tijdens de Slag om Arnhem niet meer het huis uit. Mijn moeder zette mij in een hoek en ging er zelf voor staan om me te beschermen. Na de gevechten zijn we naar Achterberg geëvacueerd.
J.L.Dekker

Reactie van Ria van Voorn:

Beste Jos(je)
Onder die naam ken ik je nog. Ik ben Ria van Voorn-Meijwes. Mijn ouders waren officieren van het Leger des Heils en als zodanig werkzaam in het kinderhuis in Arnhem. Ik herinner me ook nog wel je moeder. Dat jullie naar Achterberg zijn geëvacueerd is mij niet bekend. Wij hebben de rest van de oorlog in vakantiehuisjes in Nunspeet gewoond. Daarna kort naar Maarssen. Daar heb ik nog een foto van alle kinderen met ook jouw moeder en jou er op.
Groeten,
Ria van Voorn
(Contactgegevens bekend bij redactie Oorlogsverhalen.com)


Reactie van Jos Dekker
Heel leuk een reactie te krijgen van iemand die me in 1944 heeft gekend. Het contact met mevrouw Van Voorn is inmiddels tot stand gekomen. Dank!
Jos Dekker


Trouwjurk van parachutezijde

Mijn opa Peter Theunissen uit Schinveld (Limburg) had als boer veel landerijen en bos in eigendom. In de bevrijdingstijd reed hij s avonds met paard en wagen naar het bos om de gestrande parachutisten uit de boomtoppen te bevrijden in zijn bos.Hij sneed met een mes de touwen door en verstopte de Canadees of Amerikaan in zijn kar. Hij nam ze mee naar zijn boerderij en verstopte ze op de hooizolder. De Amerikanen werden via-via ingeseind en een paar dagen later werden de parachutisten dan snachts opgehaald ! Na de bevrijding zijn een paar parachutisten nog langs geweest om hem te bedanken met cadeaus voor zijn dochters. 
Mijn moeder had een trouwjurk van parachuutzijde !
Jeanny Bex


Mijn opa: postbode in het verzet

Ik hoorde altijd van die spannende verhalen over mijn opa die ik nooit meegemaakt had omdat die stierf in het jaar dat ik geboren werd. Maar ik weet dat mijn opa Berend Begeman voor het verzet in de oorlog werkte. Mijn opa (Berend Begeman) was postbode met een revolver van het verzet. Hij smokkelde en gaf informatie door tijdens zijn postdiensten.
Mijn opa en oma (Berend en Gezina Begeman(-Waarheid) het grootste deel van hun woning moesten afstaan aan de Duitsers en wel aan een dokter die als hij weer thuis in Berlijn zou komen een brief zou schrijven, die nooit geschreven is en hoogstwaarschijnlijk gestorven was in Duitsland nog tijdens de oorlog. Ook zijn er Poolse en daarna Canadese soldaten in hun woning geweest. Ik weet niet of er nog meer bekend is over hen in deze oorlogstijd. Ik ben de kleinzoon van Berend Begeman en Gezina Begeman-Waarhijd, mijn moeder is Trijntje Schakelaar-Begeman.
Ronald Schakelaar uit Houten
Antwoord: reacties graag naar info@oorlogsverhalen.com. 


Complimenten en bedankt!

Ik wilde even mijn complimenten geven voor jullie website met prachtige verhalen. Sinds mijn bezoek aan de musical Soldaat van Oranje (foto rechts) ben ik me gaan inlezen in hoe de tweede wereldoorlog voor de Nederlandse bevolking is geweest. Na veel dagboekfragmenten te hebben gelezen en documentaires te hebben gezien, ben ik jullie website tegengekomen. De verhalen over de oorlog zijn natuurlijk stuk voor stuk verschrikkelijk, maar mijn bewondering voor deze mensen is groot. We moeten maar dankbaar zijn met wat we hebben tegenwoordig... Bedankt dat jullie ervoor zorgen dat deze verhalen niet vergeten worden.
Ik, als 21-jarige student, kom in mijn dagelijks leven natuurlijk niet dit soort verhalen tegen. Toch zijn ze nog steeds (!) ontzettend belangrijk.
Bedankt en groet,
Donna de Graaff


Reactie oorlogsverhaal Robert Schabracq

In 2018 overleed mijn vader Leendert Nieuwenhuizen (1930) (foto rechts). Als jongen zat hij met zijn broer Jan in het jongenskamp Bangkong, net zoals Robert Schabracq in de video-reportage, terwijl zijn moeder met de overige vijf kinderen in het vrouwenkamp Lampersari zat en zijn vader Pieter Nieuwenhuizen afgevoerd was voor dwangarbeid aan de Birma spoorlijn.
In dagblad Trouw verscheen hierover een artikel, dat
hier >> is te lezen.
Peter Nieuwenhuizen


 

Ooggetuige van het begin tot het eind

In het boek 'Ooggetuige van het begin tot eind' over mijn vader Henri Max Cohen/Corwin, dat is uitgekomen ter gelegenheid van de herdenking van '75 jaar vrijheid', komt hij zelf aan het woord. Hij is in 1903 in Oldenzaal geboren. Zijn familie heeft zich daar omstreeks 1750 gevestigd. Harry is een origineel en ondernemend man. Op zijn 18e heeft hij al een eigen toneelgezelschap: 'Scaena et Musica', later schrijft hij teksten voor revues die hij ook regisseert. Eind jaren '30 is hij koerier: hij brengt Duitse vluchtelingen en hun bezittingen over de grens; na de oorlog wordt hem daarvoor een Franse onderscheiding verleend en Albert Einstein bedankt hem schriftelijk voor het aanbod hem en zijn gezin in veiligheid te brengen. Zelf overleeft hij de Duitse bezetting door aan de SD te ontsnappen en onder te duiken. Hij is in 1962 overleden. Zou u de bezoekers van uw website Oorlogsverhalen.com hierop willen attenderen?
Nora de Vries Robbé-Corwin
Meer informatie op de website Er zit gevaar in de lucht 


Beste mensen van Oorlogsverhalen.com
Toen wij in 2017 het huis van mijn vader Bert Duijghuisen opruimden, omdat hij naar een verzorgingshuis ging, vond ik een bajonet uit de Tweede Wereldoorlog. In de schede van de bajonet was een naam gekrast: Bryant.
Na maanden speurwerk heb ik de soldaat gevonden van wie de bajonet was. Zijn naam is Nelson Bryant (foto rechts). Hij was bij de operatie Market Garden parachutist van de 82ste Airborne Divisie-508ste regiment, D-compagnie. Hij is gesprongen op 17 september 1944 bij de Wylerbaan in Groesbeek.
In 2017 hebben wij de bajonet aan Bryant teruggegeven in zijn woonplaats Martha's Vineyard in Amerika.
Deze week ontvingen wij een e-mail van Ruth Kirchmeier. Ruth is de vrouw van onze veteraan Nelson Bryant. Helaas is Nelson op zaterdag 11 januari 2020, op 96 jarige leeftijd overleden. Wij kijken terug op mooie herinneringen die we hebben van de twee bezoeken aan Nelson en Ruth. Het eerste bezoek in 2017 om het bajonet terug te brengen en in 2019 om hem nog een keer te ontmoeten. Nelson en Ruth zijn geweldige mensen. Zijn verhalen over de tweede wereld oorlog zullen we niet vergeten. Bijzonder is dat wij in de Martha's Vineyard Times vermeld worden. Ook Nelson en Ruth vonden het bijzonder om zijn verloren bajonet terug te krijgen. Ik bedank Nelson voor wat hij gedaan heeft in de WWII, om onze vrijheid van nu mogelijk te maken.
André Duijghuisen

  • In de Martha's Vineyard Times wordt Nelson Bryant herinnerd. Het artikel is hier >> te lezen
  • Het bijzondere oorlogsverhaal van Bert Duijghuisen is hier >> te lezen.

Fusillade van mijn vader Klaas Snel
Na de Fusillade op 28 september 1944 in Huizen van mijn vader de heer Klaas Snel en de heren Jaap Brands en Arie de Waal, moesten wij binnen 6 weken ook uit ons huis Eemnesserweg 60 en uit de Timmerfabriek Eemnesserweg 64. We konden bij een broer van mijn moeder en zijn vrouw, de fam. J.H. van Hees, komen. Ook Opa Snel ging mee. We hebben daar tot 31 december 1944 gewoond, de meubels waren opgeslagen. Toen kreeg mijn moeder via Makelaar van den Born woning Populierenlaantje 4. De bewoners waren naar Amsterdam bij hun bedrijf. Tot drie keer toe kwam er ‘s avonds een Duitse militair om te vertellen, dat er een houtbewerkingsmachine was meegenomen. Na de bevrijding op 5 mei 1945 wilde mijn moeder heel snel in de fabriek kijken. Ze zocht contact met de heer van Wiefferen en binnen 1 week konden we erheen. We moesten vanaf het machinegebouw erheen lopen, allemaal tussen vlaggetjes door, want er lag nog veel munitie in de grond verborgen. Dat is later door Duitse militairen opgeruimd.  De motor van mijn vader stond ook in het machinegebouw. Een Douglas. Die had een aantal jaren in de grond verborgen gezeten. Pas in juli 1945 konden we terug naar de Eemnesserweg en gingen nu op nr. 62 wonen. Alle drijfriemen van de machines waren ook door de Duitsers meegenomen.
Mevrouw F. Muts-Snel
Meer over Klaas Snel en zijn kameraden Jaap Brands en Arie de Waal is hier >> te lezen


Franqois Scheltinga

Mijn zoon korporaal Franqois Scheltinga was in 1992 vrachtwagenchauffeur/KVV-er bij Dutch Bat 1, waarvoor hij op 16 november 1992 naar Joegoslavië werd uitgezonden.  
Op 7 december 1992 was mijn zoon als een van de chauffeurs met anderen in vrachtwagens onderweg van Tuzla naar Klandaj. Deze weg werd Bomb Alley genoemd. Om ongeveer 16.45 uur vond er een mortierbeschieting plaats. Mijn zoon werd door de voorruit in zijn arm getroffen door een granaatscherf, waardoor hij een grote wond aan zijn pols opliep. Hij bleef daarna veel pijn en koorts houden.
In Nederland werd later de diagnose leukemie gesteld. Hij is vele maanden in het UMC behandeld: spoelen , plasma, chemokuren en beenmergtransplantatie. In juli 1993 komt Franqois weer thuis. Maar het ging steeds slechter met hem en hij werd opnieuw opgenomen in het UMC.
Op 7 maart 1994 overleed mijn zoon. Hij werd slechts 19 jaar. Hij is begraven in Hoenderloo. Bijgezet bij zijn opa Joop Scheltinga, die marechaussee was en in 1976 overleed aan de tropenziekte amoebe dysenterie, die hij had opgelopen toen hij van 1948-1950 diende tijdens de oorlog in Nederlands-Indië. Zij rusten in liefde !.
Frans Scheltinga.
Het hele verhaal over Franqois Scheltinga is hier te lezen >> 


Eva van Geenen

Ik kwam uw korte documentaire tegen over de kinderen Engelenburg die op 29 oktober 1945 zijn omgekomen tijdens de Bersiap. Mijn oma was de volle nicht van hun vader en het moet ook voor haar vreselijk zijn geweest. Bedankt dat u dit gedeeld heeft, ik vind het enorm ontroerend dat u ook een bloemetje voor de lieve kindjes heeft achter gelaten. Wie weet gaan wij dat ook op een dag doen met de familie. Heel erg bedankt!
Met vriendelijke groet,
Eva van Geenen
Antwoord: de documentaire over de familie Engelenburg is hier >> te zien


Arend Jan van den Berg

Door een TV-uitzending (ONS) werd ik opmerkzaam gemaakt op uw site www.oorlogsverhalen.com. Zelf heb ik in mijn jeugdjaren de oorlog geheel meegemaakt en daarna de herinneringen daaraan nooit meer losgelaten. Voor mijn vier kleinzoons, die inmiddels ook al volwassen zijn, heb ik mijn herinneringen opgetekend. Ik doe die u ook hierbij toekomen en voeg daaraan ook twee foto’s toe uit 1943 en 2018. Ik ben 85 jaar.
Arend Jan van den Berg.
Antwoord: U kunt het oorlogsverhaal van de heer Van den Berg hier >> lezen


B. Wellerdieck

Ik las het schrijnende verhaal van Jannus Priem "VERGEVEN, NOOIT VERGETEN". Uw website geeft de tekst letterlijk weer. Maar er ontbreekt een stuk dat zijn verhaal nog schrijnender maakt, en dat is het hoofdstukje NA DE OORLOG. Daarin valt bijvoorbeeld te lezen: "Na de oorlog ontving Jannes een brief van het Ministerie van Oorlog. Hij moest gekeurd worden voor de militaire dienstplicht. Ondanks alle verwondingen die hij aan de oorlog had overgehouden, werd Jannes toch goedgekeurd. Hij moest naar Nederlands-Indië om te vechten." 
B.Wellerdieck
Antwoord: We hebben dit feit toegevoegd aan het oorlogsverhaal van Jannes Priem. Dit is hier >> te lezen


Peter van Nieuwenhuizen:

Al tijden ben ik doende het verhaal van Doortje duidelijker te krijgen.
Zij was een Joods meisje, dat bij mijn ouders, die beiden in Putten geboren zijn, in 1943 met haar broer was ondergedoken in ons huis aan de Schoolstraat in Nijkerkerveen. Via de kruidenier Jan Zwart zijn ze bij mijn vader en moeder ondergebracht. Kwam ze uit Nijkerk? 
Helaas zo gaat het verhaal, zijn ze verraden en werden ze weggehaald en waar ze naar toe gegaan zijn weet ik niet. Ik was op de avond van wegvoering 2 1/2 jaar.
Heeft iemand misschien nog informatie over ondergedoken joodse mensen in Nijkerkerveen en/of omgeving? Mooi zou ik het vinden de achternaam van Door te weten te komen.
Peter van Nieuwenhuizen
Antwoord: reacties graag naar info@oorlogsverhalen.com. 


Ruud de Heer:

Ik ben de kleinzoon van Fredrik Jacob Keizer. Mijn grootvader is geboren in 1898, kwam bij de Gouvernements Marine in Nederlands-Indië terecht en kreeg uiteindelijk het gezag over het motorschip de Fazant. De geschiedenis van de FAZANT  is  hier >> te lezen.  Mijn grootvader is gevangen genomen en overleden  op 23 april 1945 in kamp Bangkong op Java .
Ik zag zojuist uw oorlogsverhaal op ONS.TV en daar werd Bangkong benoemd. Ik ben al jaren bezig om mijn grootvader 'terug te vinden' maar zijn graf is onbekend en zoals dat heet...buiten de erevelden begraven.  Jammer dat er nooit aandacht aan de Gouvernements marine in Nederlands Indie  is besteed.  Mijn moeder en grootmoeder hebben in kamp Tjideng 3  jaar gevangen gezeten maar zijn daar levend uitgekomen. 
Het verhaal is mijn frustratie dat ik mijn familie in Indie met name mijn grootvader nooit heb kunnen vinden om hem die eer te geven die hij verdient omdat hij zijn leven voor ons gegeven heeft.  
Misschien zijn er mensen die dit lezen, die meer weten over mijn grootvader en waar hij begraven is. Hij ligt niet op een van de erevelden op Java van de Oorlogsgravenstichting . Dat weet ik inmiddels.
Ruud de Heer
Reacties graag naar info@oorlogsverhalen.com


Henk Drost:

Voorafgaand aan de recente uitzending met de indrukwekkende evaring van mevrouw Josine van Aggelen bij de Japanse luchtaanval in het Australische Broome heb ik een introductie artikel over haar gelezen in de VPRO gids, waarin ze verteld dat ze het jammer vindt dat in ons land het drama van Broome nagenoeg onbekend is.
Wellicht is het voor haar fijn om te weten dat in het Nationaal Militair Museum, op de voormalige vliegbasis Soesterberg, bij de daar tentoongestelde originele Dornier wel over Broome gesproken wordt. Dit vindt z'n oorsprong vanuit het voormalig Militaire Luchtvaart Museum (MLM) te Soesterberg, waar veel aandacht besteed werd aan Nederlands-Indië (t/m Nieuw-Guinea 1962), zowel de ML-KNIL, de Marine Vliegdienst als de Koninklijke Luchtmacht ('60-62). Daar werd o.a. aan de hand van de Dornier, B-25 Mitchell, een foto galerij en persoonlijke spullen van militairen uit die tijd de geschiedenis verteld (ook Broome). Ook werd stilgestaan bij de Militaire Willemsorde van Jacob Pieter van Helsdingen en Karel Doorman (beiden MWO 3e kl). Na het samengaan van het MLM en het Legermuseum uit Delft naar het Nationaal Militair Museum (NMM), wordt op meerdere plekken de geschiedenis van Nederlands-Indië getoond.
Henk Drost
voormalig rondleider MLM en NMM

Antwoord: Dank voor uw informatie. We hebben uw email doorgestuurd naar Josine van Aggelen. Het oorlogsverhaal van haar is hier >> te zien


Danny van Strien:

Hierbij mijn gedicht Het Bombardement Rotterdam 1940:

Het Bombardement 
De dag het jaar dat iedere Rotterdammer kent 
De hele stad verwoest 
Omdat het van de Duitsers moest 
Alles is inmiddels achter de rug 
Stad zonder hart 
Maar de vooroorlogse stad komt nooit meer terug 
Het bombardement.


Nico van der Meer:

Het was in de hongerwinter van 1944-’45 dat ook mijn vader en moeder aan eten moesten zien te komen voor ons gezin. Ik was toen een kind van 12 jaar. Er was nauwelijks nog gas, licht en water. Van naar school gaan was geen sprake meer omdat ook onze school in de Daquerrestraat gesloten was. Hout voor de kachel haalden we met een omgebouwde oude kinderwagen in het Scheveningse spergebied voor zover we tenminste bij de doorlaatposten door de Duitse wachtposten werden toegelaten. De Duitsers die ons land bezet hadden, gingen steeds vaker op zoek naar mannen die ze nodig hadden om in Duitsland te werken, de beruchte razzia’s. Vader zat daarom vaak ondergedoken en moeder moest maar zien hoe ze de touwtjes aan elkaar moest knopen. Het werd voor haar op den duur ondoenlijk om ons, opgroeiende kinderen, eten te geven. Kleren waren nog maar nauwelijks te koop. Zij wist niet hoe het verder moest.
Op een decemberdag in 1944 vertelde ze mijn twee jaar oudere broer en mij dat wij ergens in Friesland een tante hadden wonen en dat we daar misschien wel naar toe konden gaan. Het zou daar veel beter zijn dan waar we nu woonden: Den Haag. Het plaatsje heette Pingjum. We hadden er nog nooit van gehoord. Het lag wel 350 kilometer naar het noordoosten. En in Deventer woonde ook verre familie. Misschien konden we daar ook langs gaan. Je wist maar nooit of zij ons onderdak konden geven. We kregen het adres mee en samen met mijn broertje ging ik, een jongetje van 12 jaar, moederziel alleen lopend op weg naar Friesland...
Nico van der Meer (87 jaar)
Antwoord: We hebben een nieuwe themapagina gemaakt: de Hongerwinter. Daarop is ook het hele verhaal van Nico te lezen. Dit is de doorklik: https://oorlogsverhalen.com/themas/hongerwinter/


Arie Kruijswijk:
Mijn naam is Arie Kruijswijk. Ik ben geboren in 1953 dus de 2de wereldoorlog heb ik niet meegemaakt. Vers vanuit hun geheugen echter heb ik wel de verhalen meegekregen van mijn vader Zeegert en zijn broer Henk. Beiden hebben, voor de “Arbeitseinsatz”, in Duitsland moeten werken. Van mijn vader heb ik veel, meest slechte, ervaringen mondeling meegekregen.
Mijn oom Henk echter heeft minutieus aantekeningen gemaakt (met potlood) tijdens zijn verblijf daar. Maar ook van de tijd kort ervoor en erna. Na de oorlog heeft hij van deze aantekeningen 3 boekjes gemaakt, aangevuld met foto’s en tekeningen. Ook handgeschreven en met liefde ingebonden.
Arie Kruijswijk
Antwoord: het verhaal over oom Henk en de dagboeken zijn hier>> te lezen. 


Marja Vervloet- van der Kooij:
Mijn verhaal komt van mijn moeder, en het gaat over mijn grootvader van moederskant. Zijn naam is Douwe Plekker. Hij was politieman in de 2e wereldoorlog. Een hele moeilijke tijd. Met een korps wat deels aan de bezetter wilde gehoorzamen, en een ander deel wat dat niet wilde doen, maar met het dilemma zat dat je wel móest gehoorzamen. Je kon niemand vertrouwen. En het was ook nog eens je broodwinning dus men was heel voorzichtig, misschien wel argwanend. 
Mijn grootvader, die een sterk rechtvaardigheidsgevoel had en een gelovig man was, moest op een gegeven moment een bevel gehoorzamen wat ging over het oppakken van Joodse gezinnen. Hij had daartoe een lijst met namen en adressen gekregen en moest dat in de middag (ik weet niet welke datum dat was) gaan doen. Maar hij kón dat niet over zijn hart verkrijgen en is `s morgens al die adressen in Rotterdam afgegaan om de mensen te waarschuwen dat hij die middag terug zou komen (samen met nog iemand van de politie> zo `n actie moest met 2 dienders gebeuren) maar op deze manier gaf hij de mensen de kans om te ontsnappen.
Die middag kwam hij, samen met een ander, maar er was niemand thuis dan op 1 adres een oude vrouw die niet meer wilde vluchten. Haar hele familie was al weg (weggevoerd of opgepakt) en zij was de enige overgeblevene.
Toen mijn grootvader op het bureau kwam, en alleen deze vrouw bij zich had, was de commandant (een duitser) ziedend van kwaadheid. Hij schold m`n opa de huid vol, maar kon er niet achter komen hoe dat nu precies zat. Mijn opa lieten ze uiteindelijk gaan. Het waren zo `n veertig adressen die mijn opa moest afgaan. Bijna al deze mensen hebben (toen) kunnen weg komen.
Ik zou zo graag willen weten, of er nog nabestaanden zijn, die dit verhaal van hun ouders of grootouders hebben gehoord.
Het is nooit opgeschreven, ook na de oorlog niet. Ik heb daarover al contact gehad met de politie in Rotterdam. Maar, zei deze oud-agent, er gebeurden wel meer dingen in die tijd, waar men later nooit over sprak. En wat dus ook nooit is uitgekomen. Toch blijft mijn nieuwsgierigheid bestaan. Is er nog een nabestaande die dit verhaal herkent? Mijn opa was een vrij lange man met bruine ogen die in oorlogsjaren in Rotterdam gediend heeft.
IK ben heel trots op hem.
Marja Vervloet
Antwoord: Misschien zijn er mensen die dit verhaal kennen. Reacties kunt u sturen naar: info@oorlogsverhalen.com


W. van Steenbergen:
Beste mensen,
In het MAX-magazine las ik een aantal oorlogsverhalen en daar stond bij dat oorlogsverhalen bewaard moeten blijven. Ik heb hen toen gevraagd of ik ook mijn verhaal over mijn oorlogservaringen  op kon sturen maar zij heb mij naar u door ver wezen. Mijn vraag aan u is dan ook of ik mijn oorlogsverhaal hoe ik als kind van 5-10 jaar aan u door zou moeten sturen. Ik woonde toen en nog in Bennekom in het zgn. spergebied na de Airborne landing bij Arnhem? Ik wacht graag uw bericht af.
Met vriendelijke groeten,
W. van Steenbergen 
Antwoord: u kunt uw oorlogvsrhaal plaatsen op https://oorlogsverhalen.com/contact/


Joke van Roon:

Goedemiddag,
Ik las het stukje in het Max Magezine over oorlogsverhalen. Ik heb een schrift van mijn vader van toen hij weg werd vervoerd naar Duitsland. Ik heb het geprobeerd te lezen en (het)schrijven. Het is voor mij bijna onleesbaar. Heeft u wat tips voor mij hoe ik dit kan doen?
Met vriendelijke groet,
Joke van Roon
​​​​​​Antwoord: tips graag naar vanroon.cj@gmail.com


Aad van Vondelen:

In de hongerwinter vertrek ik als 7 jarige jongetje vanuit Delft met nog 64 andere kinderen per schip naar Friesland het enige transport per schip. 7 Dagen zaten we in het donkeren ruim. De reis ging verre van soepel menig kind word ziek. Eenmaal aangekomen in Friesland heb ik het ervaren als een slavenmarkt. Wij werden van boord gehaald en door de bevolking bekeken en betast. Als eerste werden de grootste jongens uit gezocht daarna de meisjes. Jongens konden werken op het land en de meisjes in de huishouding. Daar ik de kleinste en de jongste was werd ik met nog een paar andere naar een dorp gebracht. Daar werd ik meegenomen door een veldwachter, die ik nog altijd dankbaar ben. Ik ben nu 80 jaar en ben er nog dikwijls mee bezig . 
Aad van Vondelen 
Het hele oorlogsverhaal van Aad over de hongerwinter is hier >> te lezen


Frans van der Vleuten:

Hallo redactie, 
In bijgevoegd’* vindt u een treinkaartje van mijn vader (Frans van der Vleuten geboren te Tilburg 1919- 2010) vanuit Duitsland naar Nederland. Mijn vader heeft in Kassel (D) gewerkt voor de Juncker vliegtuigfabrieken. Zeer waarschijnlijk heeft hij daar krukassen moeten stralen. Kort na de oorlog heeft mijn vader een long operatie moeten ondergaan waarschijnlijk vanwege stof inademen tijdens het stralen. Zeker is dat hij (vrijwillig??) in Kassel (D) heeft gewerkt, van de rest ben ik niet helemaal zeker, omdat mijn vader eigenlijk zeer weinig over zijn tijd in Duitsland heeft verteld. Hij heeft het daar niet goed gehad, heeft lange dagen moeten maken, dat is wat hij weleens vertelde, maar meer dan ook niet. Ook niet waarom hij toch z’n 11 dagen naar Nederland terug mocht gaan op verlof. Het lijkt of er een ‘strookje’ aan de onderkant van het kaartje is afgescheurd?
Ik heb dit kaartje al vanaf mijn kindertijd (zo rond 1965) in mijn bezit. Het lijkt mij een bijzonder kaartje, heb zoiets nog nooit eerder gezien. Het is nu 75 jaar geleden dat mijn vader dit kaartje ‘nodig’ had!
Met groet,
Frans van der Vleuten


Albert Klok:

Geachte redactie,
Vandaag kreeg ik de recente uitgave van het blad van Omroep Max onder ogen en zag dat u op zoek bent naar oorlogsverhalen. Veelal gaan oorlogsverhalen gepaard met ellende en wreedheid. Ik woonde in de provincie Groningen en ben de oorlogstijd,ook emotioneel, goed doorgekomen. Enerzijds kwam dat door de houding van mijn ouders die mij steeds voldoende bescherming boden, althans gevoelsmatig, en anderzijds hadden we in het hoge noorden voldoende te eten uit eigen tuin. In dit stuk vermeld ik ook dat we een evacué hadden met de naam Karel Loos.  Hij woonde in Amsterdam aan de Marnixstraat 120 en is na de oorlog  verhuisd naar de Ortelliusstraat. Met hem zou ik dolgraag weer eens contact krijgen maar ik heb hem niet weten te vinden. Misschien ziet u mogelijkheden.  Karel zal nu ook ongeveer 81 of 82 jaar oud zijn. Uw reactie zie ik belangstellend tegemoet.
Albert Klok
Antwoord: reacties naar info@oorlogsverhalen.com


Lily Köhler:

Geachte redactie,
Met heel veel aandacht heb ik in “Magazine Max” uw verhalen gelezen. Ik ben geboren in Hillegersberg en heb het bombardement van Rotterdam meegemaakt. Daarover heb ik een boek geschreven. Het heet:  “De Stoel”  Een Hillegersbergse familie in oorlogstijd. Uitgegeven door Aleman Reclame, Rotterdam. ISBN 978-90-816392-1-7. Mijn pseudoniem is Lily Köhler.
Met vriendelijke groeten
Lily Köhler


Paul Beek:

Beste mensen van Stichting Oorlogsverhalen,
Vanwege een op handen zijnde herdenking in 2020 heb ik eerder een onderzoek gedaan naar het verhaal rond mijn nichtje Edith Roseij Beek,die uit een onderduik werd verraden en via Westerbork in Auschwitz werd vermoord in 1943, ze was toen 9 jaar. Bijgaand mijn verhaal,waarop ik graag uw commentaar en mening hoor of en wat er te publiceren is als oorlogsverhaal.Ook in bijlage twee foto's van haar, een die te zien is in museum in Gouda,waar ze woonde en haar vader huisarts was. Het verhaal is door mij geverifieerd in het Nationaal Archief. Alvast dank voor uw aandacht en reactie,
Met vriendelijke groet,
Paul Beek
Antwoord: wij hebben uw verhaal hier >> op onze website geplaatst. Dank dat u het verhaal over Edith Roseij Beek met ons wilt delen.


Joost Erkelens:
Goedendag.
Ik weet niet of je oorlogsverhalen zomaar kunt melden, maar mijn opa Willem Erkelens heeft in het verzet gezeten.
Hij was als politieagent gestationeerd in Werkendam en heeft boven het gemeentehuis gewoond met zijn gezin en heeft via een rubberen slang de NSB-burgemeester aldaar afgeluisterd. Dit behoorde tot het Biesbosch verzet crosslines te Werkendam. Hij opereerde alleen, maar speelde informatie door. Ik zie zijn verhaal nergens staan, dus ik hoop het op deze manier te mogen melden
Met vriendelijke groet,
Joost Erkelens
Antwoord:  Wij houden ons aanbevolen voor meer informatie over en foto's van Willem Erkelens.